Dieronvriendelijk fokbeleid
Wat is er mis aan kinderboerderijen? Niets, zul je zeggen. Want de dieren, die jij een naam gaf en kon knuffelen, hebben het toch goed? En ze zitten er morgen en overmorgen toch ook nog? Misschien vind je het vervelend om te horen ... maar dat klopt niet altijd.
Ieder jaar worden er op veel kinderboerderijen weer een heleboel dieren geboren zoals lammetjes, jonge geitjes, jonge konijntjes en kuikentjes. Dat gebeurt niet per ongeluk. Of omdat “de natuur” het zo wil. Op de kinderboerderij hebben ze daarover van tevoren nagedacht. Opzettelijk wordt bij de vrouwtjes een mannetje gezet. Die maakt hen zwanger, en zorgt ervoor dat er op de kinderboerderij in de lente kleintjes zijn.
Voor al die dieren is er op de kinderboerderij geen ruimte. Nog voordat de zomer voorbij is, zijn er al weer velen vertrokken. Vindt de kinderboerderij zelf geen plekje voor de dieren die weg moeten via bijvoorbeeld advertenties op o.a. Marktplaats en via bezoekers van de kinderboerderij, dan gaan ze via de achterdeur naar de handelaar.
De handelaar verkoopt ze meestal voor de slacht. Voor de mannelijke jonge dieren zoals de rammetjes, bokjes en haantjes loopt het bijna altijd slecht af. Niemand weet of de “afdankertjes” het goed hebben bij hun nieuwe eigenaren. Want niemand van de kinderboerderij controleert hun nieuwe thuis. Hebben de verkochte dieren nog een soortgenoot bij zich? Zitten ze opgesloten in een klein hok? Staan ze vast aan een ketting? Worden ze wel goed verzorgd? Of worden ze toch geslacht?
En dat is niet het enige leed: onderling hebben dieren, net zoals wij mensen, ook hechte familie- en vriendschapsbanden. Deze worden wreed verstoord wanneer dieren uit elkaar gehaald worden voor de verkoop. Dieren lijden hier erg onder.
Verkeerd excuus
Veel kinderboerderijen gebruiken als argument voor hun dieronvriendelijke fokbeleid dat ze wel dieren moéten fokken om de kinderboerderij draaiende te houden. Door de dieren te verkopen zouden ze de onkosten kunnen dekken.
Dat dit helemaal niet nodig is bewijzen de diervriendelijke kinderboerderijen. Zij hebben voldoende donateurs die het diervriendelijke beleid juist waarderen en daardoor ieder jaar trouw doneren. Bovendien zijn er met wat creativiteit nog genoeg andere manieren te bedenken om financieel rond te komen. Bijvoorbeeld door het jaarlijks houden van een sponsorloop, het organiseren van rommelmarkten of een verloting.
Is er genoeg plek, dan kan men er over denken om een kleine midgetgolfbaan aan te leggen. Van de opbrengsten hieruit kan men weer voer kopen voor de dieren. Ook een kleine uitspanning op de kinderboerderij zelf, waar de bezoekers ijs, koffie, thee, fris en koek kunnen nuttigen, kunnen financieel het nodige opleveren..
